Manumissierekest Norman inzake Saartje (1820)

Aan den Edelen Achtbare Hove van Politie en Krimineele Justitie der Kolonie Suriname etc. Etc.

Geeft met verschuldigde eerbied kennen: Sara Norman, weduwe van Jan Willem Raatgever. Dat zij suppliante genegen is aan zeker mulattin genaamd Saartje, dogter van de negerin Paramaribo, haar in vrije eigendom behorende, de dierbare schat van vrijdom te schenken, dan nadien zulks buiten consent en soeciale approbatie van dezen Edele Achtbare hove niet kan geschieden, zoo is zij suppliante zich aan hoogst dezelve bij dezen wendende, nederig verzoekende niet alleen hierin goedgunstig te willen toestemmen, maar ook dat het denzelve behagen moge om den heere secretaris van dezen Edele Achtbare Hove te authoriseeren den brieven van manumissie ten behoeve opgemelde mulattin Saartje in obtima forma te doen vervaardigen en afleveren en heeft de suppliante wijders de eer om te doen blijken, dat de boete staande op het schenken van vrijdom, voldaan is, hierbij te annexeeren kwitantie des wegens zijnde overigens de suppliante met resoect hierop een gunstige appoinctement imploreerende etc

Paramaribo den 16 februari 1820,

Weduwe Raatgever geboren Norman.

(borgtochtstelling niet aangetroffen)

‘t Hof fiat de gewoone affichij

Paramaribo 30 aug 1816

C.R. Vailliant

Ter ordonnantie van den Hove.

P.J. Changuion

Certificeere dat na voorafgaande advertentie ingevolge resolutie van den Hove van Politie en Crimineele Justitie dezer colonie, niemand zich ter secretarij heeft vervoegd, die eenig recht of pretensie heeft gesustineerd op de mulattin Madeleentje, en het mulatte meisje Petronella, waarvan de eerste aangekomen hebbende de plantagie St. Eustatius en de tweede van de plantagie Cortenduur.

Paramaribo 9 december 1816

P.J. Changuion

’t Hof, gezien certificaat van geen actie of pretentie tot lasten van de bij requeste genoemde mulattin en het mulatte meisje te zijn ingekomen, als mede gelet op de gestelde borgtogt, verklaard de supplianten te hebben voldaan aan de resolutie van desen Hove, consenteerd overzulks hunne gedaane verzoek, met last op den secretaris de brieven van vrijdom in forma te vervaardigen.

Paramaribo den 9 december 1816.

C.R. Vaillant

Ter ordonnantie van den Hove.

P.J. Changuion


Auteur/verzamelaar: J.F. Sang-Ajang
Nationaal Archief: filmnr. 448, inventarisnr. 706, sessie februari 1820, bijlage 12/ nr./DK:448.706.2.12.norman