Manumissierekest Hanson inzake Mietje (1819)

Aan den Edelen Achtbaren Hove van Politie en

Crimineele Justitie der kolonie Surinamen etc. etc.

Geeft met verschuldigde eerbied te kennen Jacob Hanson. Dat hij suppliant blijkens annexe quitantie, eijgenaar is geworden van de mulattin Mietje, behoord hebbende aan de plantagie Mondesir. Dat hij uit hoofde van de door haar aan hem suppliant bewezene diensten, heeft goed gevonden haar te beloonen met den dierbaare schat van vrijdom, waar toe den suppliant blijkens annexe quitantien, reeds de daarop staande onkosten heeft voldaan. Redenen waarom den suppliant dezen Hove ootmoedigst is adieerende om hem suppliant gratieuselijk te accordeeren, appoinctement en autorisatie op den heer secretaris ten einde de brieven van manumissie in forma te vervaardigen. Imploreerende etc.

Paramaribo, den meij 1819

J. Hanssen

Stelle mij tot borg voor de in vorenstaande rekwest vermelde mulattin Mietje, dat zij nimmer ofte ooit ten lasten van den lande zal komen te vervallen.

Paramaribo, dato ut supra

… C.P. van de …….

’t Hof de gewoone affictie.

Paramaribo, 26 meij 1819

C.R. Vaillant

Ter ordonnantie van den Hove

P.J. Changuion

Certificeere dat na voorafgegane advertentie ingevolge resolutie van den Hove van Policie en Krimineele Justitie dezer kolonie, niemand zich ter secretarij heeft vervoegd, die eenig recht of pretensie heeft gesustineerd op de mulattin Mietje, aangekomen hebbende de plantagie Mondesir.

Paramaribo, 4 augustus 1819

P.J. Changuion

’t Hof, gezien certificaat van geen actie of pretensie ten lasten de bij requeste gemelde mulattin te zijn ingekomen, als mede gelet op de gestelde borgtogt, verklaard de suppliant te hebben voldaan aan de resolutie van dezen Hove, consenteerd over zulks zijn gedaan verzoek, met last op den sekretaris de brieven van vrijdom informa te vervaardigen.

Paramaribo, 4 augustus 1819.

C.R. Vaillant

Ter ordonnantie van den Hove

P.J. Changuion

Geannexeeerde bijlagen geligt ingevolge authorisatie

Paramaribo, 16 februarij 1819

J.F. Bagge


Auteur/verzamelaar: J.F. Sang-Ajang
Nationaal Archief: filmnr. 447, inventarisnr. 703, sessie mei 1819, bijlage 39/ nr. 236/DK:447.703.5.39.nanson