Manumissierekest Lobato inzake Anatje (1818)

Aan den Edele Achtbaare Hove van Politie en Krimineele Justitie der colonie Suriname etc.

Geeft met alle eerbied te kennen J.C. Lobato als straatvoogd over de mulattin Anatje blijkens annexe extract uit de notulen van deezen Hoven sub. No. 1. Dat nu wijlen de suppliants moeder, de weeduwe E.C. Lobato, in dato seventiende maart deezes jaars geteekend en afgegeeven ten behoeve voornoemde mulattin, zeekeren declaratie waar bij zij heeft verklaard, na haar overlijden aan voornoemde mulattin te permitteeren, omme voor haar eigen te mogen werken etc. welke declaratie de suppliant om de kortheidshalven is refereerende en ten deeze sub no. 2 annex.

Dat gemelde weduwe E.C. Lobato op den eenendertigste maart j.l. ab intestato is komen te overlijden, en uit dien hoofde haare boedel en nalatenschap in handen van Heeren Weesmeesteren der Portugeesche Joodsche Gemeente is gedevolveerd, gelijk zij ook de nalaatenschap voormeld behoorlijk hebben doen inventariseeren, dat bij die gelegentheid gemelde mulatin de hier vooren omschreevene declaratie aan hun Edelens heeft vertoond die ook in de inventaris mentie1 hebben gemaakt.

Dat of schoon nu wijlen de suppliants moeder geen eigenaresse van voornoemde mulattin was dog het vrugtgebruik van dezelve en der andere slaaven heeft gehad, terwijl dezelve een eijgendom was van de suppliants hare broeders Raphael en Eliau Israel welke zij aan hun gezamentlijk broeders hebben gedonateerd, waar onder de suppliant ook een van is, uitwijzens annexe copie donatie, aan welken inhoud de suppliant om de kortheidshalven zig is refereerende sub no. 3 annex.

Edog terwijl zij dusdanige declaratie uit recompentie voor de trouwe dienst door voornoemde mulattin aan haar beweezen heeft afgegeeven, en hij de suppliant als zoon en meede erffgenaam van voornoemde mulattin de wil van zijne moeder willende naarkoomen, raadzaam heeft geoordeeld haar de behulpzaame hand te bieden.

Weshalven de suppliant zig met alle reverentie tot deezen Hove is keerende, ootmoedigst verzoekende, omme gemelde mulattin Anatje onder prisatie over te neemen, en de te priseerene somma te betaalen ten einde bij gelegentheid, en wel wanneer zij de suppliant de noodige kosten zal ter hand stelle voor haare brieve van vrijdom te verzoeken, met authorisatie op heeren weeesmeesteren, dat alles te gehengen en te gedoogen. En is de suppliant hieop eene gratieuse dispositie aller eerbiedigst imploreerende etc..

Paramaribo den 15 maij 1818

Simon Cohen Lobato

’t Hof steld deze in handen van Heeren Gecommitteerden tot de Zaken van de Weeskamer ter fine van consideratien en advies.

Paramaribo 25 meij 1818

C.R. Vaillant

’t verzoek geaccordeert bij resolutie van 1 junij 1818

P.J. Changuion

Ter ordonnantie van den Hove

P.J. Changuion

Aan de WelEdele Gestrenge Heeren

J. Bruining en H.L. Perret Gentil,

Gecommitteerde Raaden tot de Zaaken

van de Weeskamer.

WeEdele Gestrenge Heeren,

Ter voldoening van de WelEdele Gestrenge begeerte, omtrent het gepresenteerde rekwest door J.C. Lobato in relatie als straatvoogd over de mulattin Anaatje, zullen de ondergeteekende het volgende passeeren.

Dat het eene waarheid is dat de weduwe E.C. Lobato, in dato 17e maart jongstleden geteekend en ten behoeve de mulattin Anaatje afgegeeven, zeekere declaratie waarbij dezelve, heeft verklaard na haar overlijden haar te permitteeren omme voor haar eigen te mogen werken blijkns product bij rekwest geannekseerd sub. No. 2.

Dat vervolgens ook op den 31e daaraanvolgende, voornoemde weduwe ab intestato is koomen te overlijden, en uit dien hoofde haare boedel onder administratie van de ondergeteekenden is gedvolveerd, gelijk zij ook de nalaatenschap voormeld hebben doen inventarisseeren en bij die gelegentheid heeft gemelde mulattin hun voormelde declaratie vertoond van welke zij ook mentie2 in de inventaris hebben gemaakt, en voorts alle het verdere bij rekwest ter needer gesteld overeenkomstig met de waarheid is.

Dat zulx ook het eene groote voordeel voor voornoemde boedel zoude zijn wanneer genoemde mulattin onder prisatie aan S.C. Lobato voor de vrijdom wierde overgegeeven, terwijl als dan haare twee mulatte kinderen namme Frederik en Johannes onder separat kon worden verkogt zeekerlijk meer gelderen zou opbrengen dan wanneer een familie van drie te ….. in een koop zoude worden verkogt.

Weshalven stellen de ondergeteekenden zig geen partij teegens hetverzoek van de suppliant, alles onder aprobatie van WelEdele Gestrenge en den Edele Achtbaare Hove van Politie en Crimineele Justitie. Waarmede de ondergeteekenden de vrijheid nemen met Hoog Achting te verblijven.

Wel Edele Gestrenge Heeren.

Uw. Dienaaren.

Monsantofils

(W.M.

…..Naar

cas weesm.

1 mentie: melding; gewag

2 melding; gewag.


Auteur/verzamelaar: J.F. Sang-Ajang
Nationaal Archief: filmnr. 445, inventarisnr. 700, sessie mei 1818, bijlage 30/ nr. 146/ DK:445.700.5.30.lobato