Manumissierekesten in Suriname

Manumissierekest Hillers inzake Antje (1816)

Aan den Edele Acht-

bare Hove van Politie

en Crimineele Justitie

der colonie Suriname

etc. etc.

Geeft met alle eerbied te kennen Maria Josepha Hillers geboren Gander en Casper Harms

in qualiteit als testament………aire executrice en executeuren beheerders den boedel en nalatenschap van wijlen Geerke Hillers. Dat voorgenoemde G. Hillers ……gevende heeft bij zijn testamentaire dispositie aan hun supplianten in hunne hier vooren vermeld relatie te gelasten om aan zeekere mulatte meisje genaamd Antje dogtertje van

(het vervolg van het rekest niet aangetroffen)

(geen borgstelling aangetroffen)

’t Hof fiat de gewoone affichij

Paramaribo 9 december 1816

C.R. Vaillant

Ter ordonnantie van den Hove.

P. J. Changuion.

Certificeere dat na voor afgegaane advertentie ingevolge resolutie van den Hove van Politie en Crimineele Justitie deezer colonie, niemand zich ter secretarij heeft vervoegd, die eenig recht of pretentie heeft gesustineerd op het mulatte meisje genaamd Antje dogtertje van de neegerin Bettie, aangekoomen hebbende den boedel van wijlen Geerke Hillers.

Paramaribo den 6 februarij 1817

P.J. Changuion

’t Hoff, gezien certificaat van geen actie of pretentie tot lasten het bij requeste genoemde mulatte meijsje te zijn ingekoomen, als meede gelet op de gestelde borgtogt, verklaard de supplianten te hebben voldaan aan de resolutie van deezen Hove, consenteerd over zulks hunne gedane verzoek, met last op den secretaris de brieven van vrijdom in forma te vervaardigen.

Paramaribo den 6 februarij 1817

C.R. Vallant

Ter ordonnantie van den Hove.

P.J. Changuion


Auteur/verzamelaar: J.F. Sang-Ajang
Nationaal Archief: filmnr. 443, inventarisnr. 695, sessie december 1816, bijlage 2/ nr. 66/ DK:443.695.12.2.hillers1